KC09/25-0064
Fondée
KC - Gent
Commission des plaintes
Autre décision directeur
KLEDIJ - ZORGVULDIGHEIDSPLICHT
De klacht betreft een diefstal van kledij in de gevangenis van Gent.
Zoals gezegd, voert klager aan dat hij de directie op 30/1/2025 heeft gevraagd een onderzoek in te stellen naar de verdwijning van zijn kledij. De directie heeft nagelaten enig verweer in te dienen en heeft dit dus niet weerlegd. Hieruit kan de klachtencommissie afleiden dat de directie enerzijds op de hoogte was van het verdwijnen van klagers kledij en anderzijds heeft nagelaten de feiten te onderzoeken, hoewel het nochtans ging om een mogelijk misdrijf (diefstal).
De directie is als administratieve overheid gebonden door het zorgvuldigheidsbeginsel. Het zorgvuldigheidsbeginsel vereist onder meer een zorgvuldig onderzoek naar de feiten. Door na te laten de feiten te onderzoeken en de nodige opvolging te geven aan de aantijgingen van klager, schendt de directie het zorgvuldigheidsbeginsel.
De klacht is dan ook gegrond. De klachtencommissie meent dat de directie zich onzorgvuldig gedragen heeft door na te laten een onderzoek in te stellen naar de verdwijning van klagers kledij. Zij draagt de directie op onmiddellijk het nodige te doen om na te gaan wat er gebeurd is met klagers kledij, in de mate dat dit nog niet gebeurde.
De klacht betreft een diefstal van kledij in de gevangenis van Gent.
Zoals gezegd, voert klager aan dat hij de directie op 30/1/2025 heeft gevraagd een onderzoek in te stellen naar de verdwijning van zijn kledij. De directie heeft nagelaten enig verweer in te dienen en heeft dit dus niet weerlegd. Hieruit kan de klachtencommissie afleiden dat de directie enerzijds op de hoogte was van het verdwijnen van klagers kledij en anderzijds heeft nagelaten de feiten te onderzoeken, hoewel het nochtans ging om een mogelijk misdrijf (diefstal).
De directie is als administratieve overheid gebonden door het zorgvuldigheidsbeginsel. Het zorgvuldigheidsbeginsel vereist onder meer een zorgvuldig onderzoek naar de feiten. Door na te laten de feiten te onderzoeken en de nodige opvolging te geven aan de aantijgingen van klager, schendt de directie het zorgvuldigheidsbeginsel.
De klacht is dan ook gegrond. De klachtencommissie meent dat de directie zich onzorgvuldig gedragen heeft door na te laten een onderzoek in te stellen naar de verdwijning van klagers kledij. Zij draagt de directie op onmiddellijk het nodige te doen om na te gaan wat er gebeurd is met klagers kledij, in de mate dat dit nog niet gebeurde.