Ga verder naar de inhoud

KC09/24-0121

Non fondée KC - Gent Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT

Klager werd in voorliggende zaak door de directie schuldig bevonden aan een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie, namelijk “de opzettelijke beschadiging of vernieling van andermans roerende of onroerende goederen, of de bedreiging daarmee”. Daarnaast werd hij ook schuldig bevonden aan een tuchtinbreuk van de tweede categorie “het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen”.

Volgens de directie heeft klager de telefoon beschadigd door het toevoegen van een onderdeel en door de poging tot reparatie. Tijdens de hoorzitting van de klachtencommissie verduidelijkte de directeur dat het juist was doordat klager een onderdeel aan de telefoon toevoegde, dat er ook problemen waren op de rest van de vleugel. De directie kon klager dan ook schuldig bevinden aan de tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie.

De klachtencommissie acht het logisch dat het verboden is om medicatie op te sparen, maar had het toch beter gevonden mocht dit verbod meer expliciet uit de bewoordingen van het huishoudelijk reglement blijken. Om tot deze conclusie te komen behoeft de huidige tekst immers toch enige interpretatie, waardoor het voor discussie vatbaar is of van een gedetineerde verwacht kan worden de bepalingen ook op deze manier te lezen.
In voorliggende zaak is het voor de klachtencommissie echter duidelijk dat klager op de hoogte is / moest geweest zijn van de leefregels in de gevangenis, gelet hij blijkbaar in het verleden ook reeds gesanctioneerd werd voor het in het bezit zijn van niet toegelaten medicatie. Ook nu werd er opnieuw medicatie gevonden die aan een andere gedetineerde werd voorgeschreven en die klager in zijn bezit had. Daarnaast werd de overige medicatie niet zomaar vergeten, aangezien ze in zakjes werd gestoken die onder andere werden dichtgebrand.

De directie beschikte met andere woorden over voldoende elementen om klager aan beide tuchtrechtelijke inbreuken schuldig te bevinden.
De directie kan voor inbreuken van de eerste categorie een maximumsanctie van 30 dagen ATV opleggen. Klager kreeg 20 dagen ATV, wat ruim binnen de maximumduur valt. De tuchtsanctie is
niet onwettig, noch onredelijk..
De klacht is ongegrond.