Ga verder naar de inhoud

KC09/23-0163

Non fondée KC - Gent Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - MOTIVERING

Klager werd in voorliggende zaak schuldig bevonden aan tuchtinbreuken van de eerste categorie, namelijk de opzettelijke aantasting van de fysieke en psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee.
De directie is tot deze beslissing gekomen op basis van feiten van die werden beschreven in een rapport aan de directeur (“RAD”) over klager en op basis van hetgeen klager verklaarde tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting.

Klager betwist noch tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting, noch in zijn klacht voor de klachtencommissie, dat hij gefrustreerd was en dat er een discussie met de beambte was. Hij ontkent wel dat er sprake was van bedreigingen en stelt dat hij niet agressief was.

De klachtencommissie kan begrijpen dat de bewoordingen “jij beseft niet wat je gaat meemaken, je zal het zien wie ik ben” als bedreigend worden beschouwd door de beambte en de directie. Klager maakt niet aannemelijk dat hij deze woorden niet zou hebben gebruikt. Het is niet omdat klager het niet dreigend bedoelde, dat dit door de beambte of de directie niet werd gezien als bedreiging. De directeur kon dan ook redelijkerwijze voortgaan op het rapport aan de directeur en de tuchtinbreuk als bewezen beschouwen. De directie motiveert in haar tuchtbeslissing dat klager uitspraken deed die niet correct waren. De tuchtbeslissing is niet onwettig.

Tijdens de hoorzitting kwam duidelijk de perceptie van zowel klager als de directie aan bod. Hoewel dit niet met zo veel woorden uit de motivering van de tuchtbeslissing blijkt, werd rekening gehouden met de verklaring van klager en weerspiegelt dit zich in de strafmaat. De directie kan voor een inbreuk van de eerste categorie namelijk een maximumsanctie van 30 dagen ATV opleggen. Klager kreeg 7 dagen ATV en kreeg dus een betrekkelijk milde straf in verhouding met de gepleegde inbreuk. De tuchtsanctie is niet onredelijk.
De klacht is ongegrond.