TUCHT - KWALIFICATIE INBREUK - VERBODEN SUBSTANTIES
Klager kreeg een sanctie van 30 dagen ATV voor het brouwen van alcohol in de gevangenis. Klager ontkent niet dat hij dit gedaan heeft. Dit feit is dus bewezen.
De directeur kwalificeert het brouwen van / het bezit van alcohol evenwel als “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties”. Dit is een inbreuk van de eerste categorie. Deze inbreuk slaat op het bezit van voorwerpen of substanties die ook in de vrije samenleving verboden zijn, zoals drugs en wapens.
Het bezit van alcohol is in de vrije samenleving wél toegelaten en kan dus niet gekwalificeerd worden als deze inbreuk van de eerste categorie. Het bezit van alcohol kon wel gekwalificeerd worden als een inbreuk van de tweede categorie namelijk “het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen”.
De verkeerde kwalificatie als een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie in plaats van een inbreuk van de tweede categorie heeft een belangrijke impact op de strafmaat. Waar de sanctie van ATV bij een inbreuk van de eerste categorie 30 dagen kan bedragen, kan deze bij een inbreuk van de tweede categorie maar maximum 15 dagen bedragen.
De tuchtsanctie kon in voorliggende zaak dan ook maximaal duren tot 28 april 2022 en niet tot 13 mei 2022 zoals in de tuchtbeslissing vermeld wordt. De verdere uitvoering van de tuchtsanctie dient dan ook met onmiddellijke ingang stopgezet te worden. De klacht is gegrond. De beslissing van de Klachtencommissie komt in de plaats van de tuchtbeslissing.
Klager kreeg een sanctie van 30 dagen ATV voor het brouwen van alcohol in de gevangenis. Klager ontkent niet dat hij dit gedaan heeft. Dit feit is dus bewezen.
De directeur kwalificeert het brouwen van / het bezit van alcohol evenwel als “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties”. Dit is een inbreuk van de eerste categorie. Deze inbreuk slaat op het bezit van voorwerpen of substanties die ook in de vrije samenleving verboden zijn, zoals drugs en wapens.
Het bezit van alcohol is in de vrije samenleving wél toegelaten en kan dus niet gekwalificeerd worden als deze inbreuk van de eerste categorie. Het bezit van alcohol kon wel gekwalificeerd worden als een inbreuk van de tweede categorie namelijk “het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen”.
De verkeerde kwalificatie als een tuchtrechtelijke inbreuk van de eerste categorie in plaats van een inbreuk van de tweede categorie heeft een belangrijke impact op de strafmaat. Waar de sanctie van ATV bij een inbreuk van de eerste categorie 30 dagen kan bedragen, kan deze bij een inbreuk van de tweede categorie maar maximum 15 dagen bedragen.
De tuchtsanctie kon in voorliggende zaak dan ook maximaal duren tot 28 april 2022 en niet tot 13 mei 2022 zoals in de tuchtbeslissing vermeld wordt. De verdere uitvoering van de tuchtsanctie dient dan ook met onmiddellijke ingang stopgezet te worden. De klacht is gegrond. De beslissing van de Klachtencommissie komt in de plaats van de tuchtbeslissing.