KC06/25-0267
Non fondée
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Mesure d'ordre
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - ONTSLAG - ORDEMAATREGEL - REGIME
De klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel, een tuchtbeslissing, een beslissing tot afzetting van werk en een ordemaatregel regimemutatie van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
- Wat betreft de voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing
De klachtencommissie stelt vast dat er geen voorlopige maatregel werd opgelegd, noch een tuchtbeslissing werd genomen op 11 september 2025. Er is op dit punt dus geen sprake van een beslissing door of namens de directeur. Deze klachten zijn aldus niet-ontvankelijk.
- Wat betreft de beslissing tot afzetting van werk
De klachtencommissie stelt vast dat het voorwerp van deze klacht reeds werd behandeld in dossier KC06/25-0212. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in voormeld dossier. De klacht is daarom niet-ontvankelijk.
- Wat betreft de ordemaatregel regimemutatie
De klachtencommissie stelt vast dat aan klager een ordemaatregel werd opgelegd waardoor hij werd overgeplaatst van het open regime naar het gesloten regime. Deze ordemaatregel werd schriftelijk genomen.
In het voorliggend dossier werd de mutatie van klager naar een andere vleugel ingegeven door meldingen en observaties van zijn gedrag. Uit de zitting van de klachtencommissie blijkt dat klager hierover werd gehoord.
De directie verwijst in haar beslissing naar concrete meldingen van verschillende personen – (voormalige) celgenoten en personeelsleden – en incidenten waarbij klager betrokken was. De klachtencommissie ziet geen redenen om te twijfelen aan de geloofwaardigheid van de meldingen, die duidelijk zijn en werden gedaan door verschillende personen op verschillende momenten. De beslissing werd genomen op basis van meerdere elementen (pestgedrag, intimidatie, respectloos gedrag, verstoring van de rust en de orde), die volgens de klachtencommissie voldoende directe aanleiding vormden om de beslissing te nemen. De directie motiveert waarom dit gedrag niet strookt met wat verwacht wordt op de open sectie, en waarom zij meent dat de ordemaatregel een gepaste maatregel is.
De klachtencommissie is van oordeel dat de motivering duidelijk maakt waarom klager gemuteerd werd naar een gesloten sectie en stelt vast dat de directie niet handelde met een bestraffende intentie, maar vanuit de beoordeling dat het gedrag van klager niet langer verenigbaar was met het karakter van het open regime.
De klachtencommissie besluit om bovenstaande redenen dat de ordemaatregel niet onredelijk of onbillijk is. De klacht is ongegrond.
De klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel, een tuchtbeslissing, een beslissing tot afzetting van werk en een ordemaatregel regimemutatie van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
- Wat betreft de voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing
De klachtencommissie stelt vast dat er geen voorlopige maatregel werd opgelegd, noch een tuchtbeslissing werd genomen op 11 september 2025. Er is op dit punt dus geen sprake van een beslissing door of namens de directeur. Deze klachten zijn aldus niet-ontvankelijk.
- Wat betreft de beslissing tot afzetting van werk
De klachtencommissie stelt vast dat het voorwerp van deze klacht reeds werd behandeld in dossier KC06/25-0212. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in voormeld dossier. De klacht is daarom niet-ontvankelijk.
- Wat betreft de ordemaatregel regimemutatie
De klachtencommissie stelt vast dat aan klager een ordemaatregel werd opgelegd waardoor hij werd overgeplaatst van het open regime naar het gesloten regime. Deze ordemaatregel werd schriftelijk genomen.
In het voorliggend dossier werd de mutatie van klager naar een andere vleugel ingegeven door meldingen en observaties van zijn gedrag. Uit de zitting van de klachtencommissie blijkt dat klager hierover werd gehoord.
De directie verwijst in haar beslissing naar concrete meldingen van verschillende personen – (voormalige) celgenoten en personeelsleden – en incidenten waarbij klager betrokken was. De klachtencommissie ziet geen redenen om te twijfelen aan de geloofwaardigheid van de meldingen, die duidelijk zijn en werden gedaan door verschillende personen op verschillende momenten. De beslissing werd genomen op basis van meerdere elementen (pestgedrag, intimidatie, respectloos gedrag, verstoring van de rust en de orde), die volgens de klachtencommissie voldoende directe aanleiding vormden om de beslissing te nemen. De directie motiveert waarom dit gedrag niet strookt met wat verwacht wordt op de open sectie, en waarom zij meent dat de ordemaatregel een gepaste maatregel is.
De klachtencommissie is van oordeel dat de motivering duidelijk maakt waarom klager gemuteerd werd naar een gesloten sectie en stelt vast dat de directie niet handelde met een bestraffende intentie, maar vanuit de beoordeling dat het gedrag van klager niet langer verenigbaar was met het karakter van het open regime.
De klachtencommissie besluit om bovenstaande redenen dat de ordemaatregel niet onredelijk of onbillijk is. De klacht is ongegrond.