KC06/24-0111
Non fondée
KC - Dendermonde
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL - BEVEILIGDE CEL - TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES - HUISHOUDELIJK REGLEMENT
De klacht betreft de voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis.
Wat betreft de voorlopige maatregel:
Klager kreeg een voorlopige maatregel opgelegd voor ‘de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid’. Klager werd hierdoor geplaatst op een beveiligde cel. De klachtencommissie meent dat de directie op basis van de vaststelling dat klager een – op dat moment – onbekend middel in zijn mond stopte, kon oordelen dat er een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid was. De maatregel heeft geen bestraffend karakter. De directie kon de voorlopige maatregel opleggen.
De klacht is niet gegrond.
Wat betreft de tuchtbeslissing:
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie die bestaat uit 15 dagen ATV omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan ‘het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’, ‘het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen’ en ‘het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel’. Klager schreef in zijn klacht te hebben toegegeven dat hij de slaappil had ingeslikt.
Gelet op het RAD en deze verklaring, meent de klachtencommissie dat de feiten bewezen zijn en aan klager kunnen worden toegerekend.
Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht de tuchtsanctie in verhouding tot de gepleegde inbreuk.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
De klacht betreft de voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis.
Wat betreft de voorlopige maatregel:
Klager kreeg een voorlopige maatregel opgelegd voor ‘de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid’. Klager werd hierdoor geplaatst op een beveiligde cel. De klachtencommissie meent dat de directie op basis van de vaststelling dat klager een – op dat moment – onbekend middel in zijn mond stopte, kon oordelen dat er een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid was. De maatregel heeft geen bestraffend karakter. De directie kon de voorlopige maatregel opleggen.
De klacht is niet gegrond.
Wat betreft de tuchtbeslissing:
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie die bestaat uit 15 dagen ATV omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan ‘het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’, ‘het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen’ en ‘het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel’. Klager schreef in zijn klacht te hebben toegegeven dat hij de slaappil had ingeslikt.
Gelet op het RAD en deze verklaring, meent de klachtencommissie dat de feiten bewezen zijn en aan klager kunnen worden toegerekend.
Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht de tuchtsanctie in verhouding tot de gepleegde inbreuk.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.