Ga verder naar de inhoud

KC06/23-0078

Fondée KC - Dendermonde Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - BEWIJS

De klachtencommissie is bevoegd om na te gaan of de feitenvinding zorgvuldig gebeurde, of er werd uitgegaan van de juiste feitelijke gegevens en of de directie haar appreciatiebevoegdheid op een zorgvuldige wijze uitoefende. Het is niet de bedoeling dat de klachtencommissie zich in de plaats stelt van de directie. Het valt binnen de directie haar appreciatiemarge om te beslissen of de haar voorgelegde feiten voldoende bewezen zijn om de gedetineerde hiervoor tuchtrechtelijk te bestraffen.
Uit het verweer van de directie blijkt dat de voormalige celgenoot de feiten erkende en dit enkele dagen later dan klager. Aldus werd de celgenoot niet gehoord in het kader van de tuchtprocedure van klager. Dit terwijl klager op de tuchtzitting terecht aanhaalde dat zij met twee op cel zaten en hij ontkende dat de gsm-oplader van hem was.
Eén en ander wordt door de directie uitdrukkelijk erkend, nu zij in haar verweer toegeeft dat klager geen eigenaar was van de GSM-lader.
Bijgevolg kon de directie niet zorgvuldig tot het besluit komen dat de tuchtinbreuk ten aanzien van klager bewezen was.
De klacht is ongegrond.