KC05/26-0053
Irrecevable
KC - Brugge
Commission des plaintes
Pas de décision du directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - MEDISCH - FEITELIJK HANDELEN - PERSONEEL
Klager zet in zijn eerste klachtenformulier uiteen dat hij zich als gedetineerde onmenselijk behandeld voelt, en vooral op medisch vlak. Hij ervaart ondraaglijke pijn die onvoldoende wordt behandeld. In zijn tweede klachtenformulier kaart klager aan dat hij zich door de zorgdienst geviseerd en gepest voelt op de afdeling. Hij stelt daarnaast dat zijn medicatie steeds wordt gewijzigd.
De klachtencommissie is in principe niet bevoegd voor klachten van medische aard, aangezien dit geen beslissingen van de directeur zijn. De directie is ook niet verantwoordelijk voor de werking van de medische dienst. De inrichtingsarts en de verpleegkundigen staan immers niet onder het gezag van de directie.
De klachten gaan daarnaast over beweerdelijk feitelijk handelen van een personeelslid dat niet in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van de directeur. Uit de klachten blijkt niet dat klager de directie hierover heeft aangesproken en dat zij heeft nagelaten om dit voorval te onderzoeken, waardoor er ook geen sprake is van een verzuim van de directie.
De klachten zijn daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Klager zet in zijn eerste klachtenformulier uiteen dat hij zich als gedetineerde onmenselijk behandeld voelt, en vooral op medisch vlak. Hij ervaart ondraaglijke pijn die onvoldoende wordt behandeld. In zijn tweede klachtenformulier kaart klager aan dat hij zich door de zorgdienst geviseerd en gepest voelt op de afdeling. Hij stelt daarnaast dat zijn medicatie steeds wordt gewijzigd.
De klachtencommissie is in principe niet bevoegd voor klachten van medische aard, aangezien dit geen beslissingen van de directeur zijn. De directie is ook niet verantwoordelijk voor de werking van de medische dienst. De inrichtingsarts en de verpleegkundigen staan immers niet onder het gezag van de directie.
De klachten gaan daarnaast over beweerdelijk feitelijk handelen van een personeelslid dat niet in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van de directeur. Uit de klachten blijkt niet dat klager de directie hierover heeft aangesproken en dat zij heeft nagelaten om dit voorval te onderzoeken, waardoor er ook geen sprake is van een verzuim van de directie.
De klachten zijn daarom kennelijk niet-ontvankelijk.