TUCHT
Bij de beoordeling van het bewezen zijn van de ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuk oefent de directeur een discretionaire bevoegdheid uit. Aangezien de tuchtregeling in de Basiswet geen
bijzondere bewijswaardering voorschrijft, kan de directeur voor het bewijs steunen op materiële
vaststellingen, bekentenissen, getuigenissen of vermoedens, zolang hij bij zijn beoordeling van het
bewezen zijn van de ten laste gelegde feiten tot een conclusie komt die de grenzen van de redelijkheid niet te buiten gaan.
De klachtencommissie gaat na of de tuchtbeslissing niet onwettig, onredelijk of onbillijk is.
Uit de tuchtbeslissing blijkt dat de directie naast het RAD verder onderzoek heeft gedaan naar de celgenoten van klager en hun verklaringen. De substantie werd aangetroffen in klager zijn kast. De klachtencommissie ziet dan geen redenen om te twijfelen aan de toerekenbaarheid van de tuchtinbreuk.
Klager kreeg voor een tuchtsanctie bestaande uit 30 dagen ATV. Deze tuchtsanctie is wettig en in verhouding tot de gepleegde feiten.
Bij de beoordeling van het bewezen zijn van de ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuk oefent de directeur een discretionaire bevoegdheid uit. Aangezien de tuchtregeling in de Basiswet geen
bijzondere bewijswaardering voorschrijft, kan de directeur voor het bewijs steunen op materiële
vaststellingen, bekentenissen, getuigenissen of vermoedens, zolang hij bij zijn beoordeling van het
bewezen zijn van de ten laste gelegde feiten tot een conclusie komt die de grenzen van de redelijkheid niet te buiten gaan.
De klachtencommissie gaat na of de tuchtbeslissing niet onwettig, onredelijk of onbillijk is.
Uit de tuchtbeslissing blijkt dat de directie naast het RAD verder onderzoek heeft gedaan naar de celgenoten van klager en hun verklaringen. De substantie werd aangetroffen in klager zijn kast. De klachtencommissie ziet dan geen redenen om te twijfelen aan de toerekenbaarheid van de tuchtinbreuk.
Klager kreeg voor een tuchtsanctie bestaande uit 30 dagen ATV. Deze tuchtsanctie is wettig en in verhouding tot de gepleegde feiten.