KC05/24-0383
Non fondée
Fondée
KC - Brugge
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Disciplinaire
VOORLOPIGE MAATREGEL - VERBODEN SUBSTANTIE - MOTIVERING - TUCHT - HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Wat betreft de eerste klacht omtrent de voorlopige maatregel:
Op 4 november 2024 heeft de directie ten aanzien van klager een voorlopige maatregel tot een verplicht verblijf in de hem toegewezen verblijfsruimte genomen en dit wegens een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid.
De klachtencommissie vindt de bestreden beslissing onvoldoende gemotiveerd. In het RAD wordt beschreven hoe een “verdachte witte kristalvormige substantie in een plastiek bolletje” werd gevonden in de cel van klager en zijn celgenoot. In de voorlopige maatregel wordt vermeld dat het “eventueel gebruik van ongekende substanties kan leiden tot onvoorspelbaar gedrag en hierdoor de veiligheid van de instelling in het gedrang kan komen”. De klachtencommissie kan uit deze beslissing niet afleiden welke ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid er bestond die het opleggen van een voorlopige maatregel ten aanzien van
klager rechtvaardigde. Het loutere aantreffen van een verdachte substantie vormt op zichzelf geen dergelijke aantasting. De eerste klacht is gegrond.
Wat betreft de tweede klacht omtrent de tuchtbeslissing:
Ten aanzien van klager werd op 4 november 2024 een RAD (feiten van 10u30) opgesteld, op basis waarvan een tuchtprocedure ten aanzien van klager werd ingesteld. Klager werd diezelfde dag onder voorlopige maatregel geplaatst. In de bestreden tuchtbeslissing werd er één tuchtinbreuk van eerste categorie aangekruist, zijnde
het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen en substanties en één tuchtinbreuk van tweede categorie, zijnde het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen. Klager kreeg als sanctie “14 dagen ATV vanaf 04/11/2024 t/m 18/11/2024 om 11u30, voorlopige maatregel inbegrepen, muv telefoon en videocall”. De klachtencommissie vindt de bestreden tuchtbeslissing niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De tweede klacht is niet gegrond.
Wat betreft de eerste klacht omtrent de voorlopige maatregel:
Op 4 november 2024 heeft de directie ten aanzien van klager een voorlopige maatregel tot een verplicht verblijf in de hem toegewezen verblijfsruimte genomen en dit wegens een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid.
De klachtencommissie vindt de bestreden beslissing onvoldoende gemotiveerd. In het RAD wordt beschreven hoe een “verdachte witte kristalvormige substantie in een plastiek bolletje” werd gevonden in de cel van klager en zijn celgenoot. In de voorlopige maatregel wordt vermeld dat het “eventueel gebruik van ongekende substanties kan leiden tot onvoorspelbaar gedrag en hierdoor de veiligheid van de instelling in het gedrang kan komen”. De klachtencommissie kan uit deze beslissing niet afleiden welke ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid er bestond die het opleggen van een voorlopige maatregel ten aanzien van
klager rechtvaardigde. Het loutere aantreffen van een verdachte substantie vormt op zichzelf geen dergelijke aantasting. De eerste klacht is gegrond.
Wat betreft de tweede klacht omtrent de tuchtbeslissing:
Ten aanzien van klager werd op 4 november 2024 een RAD (feiten van 10u30) opgesteld, op basis waarvan een tuchtprocedure ten aanzien van klager werd ingesteld. Klager werd diezelfde dag onder voorlopige maatregel geplaatst. In de bestreden tuchtbeslissing werd er één tuchtinbreuk van eerste categorie aangekruist, zijnde
het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen en substanties en één tuchtinbreuk van tweede categorie, zijnde het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen. Klager kreeg als sanctie “14 dagen ATV vanaf 04/11/2024 t/m 18/11/2024 om 11u30, voorlopige maatregel inbegrepen, muv telefoon en videocall”. De klachtencommissie vindt de bestreden tuchtbeslissing niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De tweede klacht is niet gegrond.