Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0301

Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Mesure d'ordre
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG

De klacht gaat over de beslissing van de directie van de gevangenis waarbij klager werd afgezet van zijn werk.

De klachtencommissie leidt uit het verweer van de directie af dat klagers situatie overeenstemt met deze tweede situatie. De directie acht klager niet geschikt voor de arbeidspost, omdat hij zonder geldige reden afwezig was op zijn werk. Dit getuigt volgens de directie niet van een correcte
werkattitude. Klager kreeg nog de mogelijkheid om zijn afwezigheid te rechtvaardigen door een doktersattest, maar hij weigerde om op consultatie te gaan bij de dokter. Volgens de bovenvermelde Dienstnota moet er in deze situatie een ordemaatregel tot afzetting van werk worden genomen, die schriftelijk wordt meegedeeld wanneer de gedetineerde dit vraagt, met vermelding van de redenen.
De klachtencommissie wijst erop dat het binnen de discretionaire bevoegdheid van de directie valt om klager om deze reden af te hebben gezet van zijn werk. Uit de e-mail van 19 september 2024 van de directie blijkt echter uitdrukkelijk dat er “door een administratieve vergissing geen schriftelijke beslissing [werd] opgemaakt”. De klachtencommissie stelt vast dat dit ingaat tegen de Dienstnota.
De klachtencommissie verklaart de klacht om deze reden gegrond.