Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0250

Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT – ZORGVULDIGHEIDSPLICHT

De klacht is gericht tegen de tuchtbeslissing van één week ATV wegens één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee en één tuchtinbreuk van tweede categorie, zijnde het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen. De klachtencommissie acht het niet voldoende aangetoond waarom klaagster schuldig zou zijn aan de inbreuk van de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee. Uit het tuchtdossier blijkt dat er voorafgaand aan het incident waarbij klaagster een beambte had beledigd, bepaalde spanningen waren tussen klaagster en de betrokken beambte. Deze beambte zou bepaalde zaken over de kinderen van klaagster hebben gezegd. Uit geen enkel document uit het tuchtdossier blijkt dat de betrokken beambte hierover werd bevraagd. Dergelijke bevraging had de uitlatingen van klaagster kunnen verklaren, of minstens in een bepaalde context plaatsen, die ook relevant konden zijn voor de bepaling van haar eventuele (on)schuld aan de aangekruiste tuchtinbreuk. De directie heeft op dit vlak niet aan zorgvuldige feitenvinding gedaan. De klacht is ontvankelijk en gegrond.