KC05/23-0288
Fondée
Irrecevable
KC - Brugge
Commission des plaintes
Disciplinaire
Pas de décision du directeur
TUCHT – GEEN BESLISSING DIRECTEUR – BEVOEGDHEID
Klaagster heeft twee klachten ingediend.
De eerste klacht gaat over een tuchtsanctie van vijf dagen ATV wegens één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de wederrechtelijke ontvreemding van goederen en twee tuchtinbreuken van tweede categorie, zijnde enerzijds het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen en anderzijds het geen gevolg geven aan de aanmaningen en bevelen van het personeel. De directie was van oordeel dat klaagster na een operatie in het ziekenhuis bepaalde feiten had gepleegd. De klachtencommissie vindt het onduidelijk aan welke tuchtinbreuken de directie klaagster uiteindelijk schuldig achtte en om welke redenen. Daarnaast ging een aanzienlijk deel van de tuchtzitting over de vraag of klaagster zich, gelet op haar narcose, bewust was van haar gedrag. De directie kwam tot de conclusie dat klaagster zich wel degelijk deels bewust was van haar gedrag. Het bepalen van iemands bewustzijnstoestand (onmiddellijk) na een operatie onder narcose is naar het oordeel van de klachtencommissie echter geen taak van penitentiair beambten. Dit betreft een zuiver medische inschatting van de toestand van klaagster, waarvoor een beambte niet is opgeleid. Nergens uit het dossier blijkt dat de directie aan de betrokken artsen of verpleegkundigen heeft gevraagd in welke mate klaagster zich al dan niet (volledig of deels) bewust zou geweest zijn van wat zij deed in de uren na haar narcose en in welke mate haar gedrag beïnvloed kon zijn door deze narcose. De klachtencommissie is er daarom niet van overtuigd dat de directie aan zorgvuldige feitenvinding heeft gedaan. Deze eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.
De tweede klacht gaat over de medicatiebedeling ten aanzien van klaagster in de gevangenis. Deze klacht is niet gericht tegen een beslissing die door of namens de directeur ten aanzien van klaagster werd genomen noch tegen een weigering of verzuim om een beslissing te nemen. Deze tweede klacht is niet ontvankelijk.
Klaagster heeft twee klachten ingediend.
De eerste klacht gaat over een tuchtsanctie van vijf dagen ATV wegens één tuchtinbreuk van eerste categorie, zijnde de wederrechtelijke ontvreemding van goederen en twee tuchtinbreuken van tweede categorie, zijnde enerzijds het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen en anderzijds het geen gevolg geven aan de aanmaningen en bevelen van het personeel. De directie was van oordeel dat klaagster na een operatie in het ziekenhuis bepaalde feiten had gepleegd. De klachtencommissie vindt het onduidelijk aan welke tuchtinbreuken de directie klaagster uiteindelijk schuldig achtte en om welke redenen. Daarnaast ging een aanzienlijk deel van de tuchtzitting over de vraag of klaagster zich, gelet op haar narcose, bewust was van haar gedrag. De directie kwam tot de conclusie dat klaagster zich wel degelijk deels bewust was van haar gedrag. Het bepalen van iemands bewustzijnstoestand (onmiddellijk) na een operatie onder narcose is naar het oordeel van de klachtencommissie echter geen taak van penitentiair beambten. Dit betreft een zuiver medische inschatting van de toestand van klaagster, waarvoor een beambte niet is opgeleid. Nergens uit het dossier blijkt dat de directie aan de betrokken artsen of verpleegkundigen heeft gevraagd in welke mate klaagster zich al dan niet (volledig of deels) bewust zou geweest zijn van wat zij deed in de uren na haar narcose en in welke mate haar gedrag beïnvloed kon zijn door deze narcose. De klachtencommissie is er daarom niet van overtuigd dat de directie aan zorgvuldige feitenvinding heeft gedaan. Deze eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.
De tweede klacht gaat over de medicatiebedeling ten aanzien van klaagster in de gevangenis. Deze klacht is niet gericht tegen een beslissing die door of namens de directeur ten aanzien van klaagster werd genomen noch tegen een weigering of verzuim om een beslissing te nemen. Deze tweede klacht is niet ontvankelijk.