Ga verder naar de inhoud

KC05/23-0134

Non fondée Fondée KC - Brugge Commission des plaintes Autre décision directeur Mesure d'ordre
ORDEMAATREGEL – ONTSLAG – MOTIVERING – STAKING

Klager heeft twee klachten ingediend.

De eerste klacht gaat over de beslissing van de directie waarbij klager via ordemaatregel werd afgezet van zijn werk. In deze ordemaatregel werd geschreven dat klager op drie data het werk had geweigerd en dit de continuïteit van het werk in het gedrang bracht. De klachtencommissie beschikt echter over geen enkel RAD, meldingsverslag of enig ander document met betrekking tot de drie werkweigeringen van klager. Op de zitting van de klachtencommissie werd niet betwist dat de uitleg van klager over de derde werkweigering klopte. Zodoende is er al maar sprake van twee werkweigeringen. Wegens het gebrek aan documenten of enige andere informatie, kan de klachtencommissie niet nagaan op hoeveel dagen klager wél heeft gewerkt en dus wel is opgedaagd op zijn werk, nadat hij hiertoe werd opgeroepen. Daarenboven bestaat er onduidelijkheid over de redenen waarom klager op de twee andere data niet ging werken. Gelet op het feit dat de uitleg van klager met betrekking tot zijn derde werkweigering aannemelijk is, bestaat er twijfel over het feit of ook de eerdere twee werkweigeringen daadwerkelijk werkweigeringen waren, dan wel of er ook gegronde redenen bestonden waarom klager niet kon gaan werken op die dagen. Dergelijke twijfel dient in het voordeel van klager te spelen. Deze eerste klacht is ontvankelijk en gegrond.

De tweede klacht gaat over de beslissing namens de directie om klager op technische werkloosheid te plaatsen zodat hij geen vergoeding kreeg naar aanleiding van een staking. Wat betreft de ontvankelijkheid van de klacht, dient de directie volgens de klachtencommissie toezicht te houden op de verdeling van het (beschikbare) werk en dus ook op de lijsten waarin wordt bepaald welke gedetineerden al dan niet aan het werk gezet worden op een bepaalde dag. Hoewel het personeel van de werkhuizen hierin mogelijks zelf bepaalde beslissingen neemt, zijn dit beslissingen die namens de directeur worden genomen. De klacht is in ieder geval beklagwaardig. Wat betreft de gegrondheid van de klacht, stelt klager zelf dat hij er op een vrijdag van werd ingelicht dat hij de maandag erop op technische werkloosheid werd geplaatst. Aangezien klager op technische werkloosheid stond voor de maandag waarop het staking was, had hij geen recht op een vergoeding. De klachtencommissie acht het niet onwettig, onredelijk of onbillijk dat klager inderdaad geen vergoeding kreeg, aangezien hij op technische werkloosheid stond. Op de zitting verduidelijkte klager dat hij op andere stakingsdagen wel al werd betaald. Zodoende wordt klager zeker niet systematisch op technische werkloosheid gezet telkens er een staking is. Deze tweede klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.