KC05/23-0082
Fondée
KC - Brugge
Commission des plaintes
Autre décision directeur
RELIGIE
Klager heeft klacht ingediend tegen een beslissing van de directie waarbij het hem niet werd toegestaan om tijdens de uitvoering van een ATV naar een viering van de imam te gaan. De klachtencommissie wijst erop dat in de Basiswet wordt bepaald dat een gedetineerde die onder ATV staat in principe niet kan deelnemen aan gemeenschappelijke activiteiten die verband houden met zijn eredienst of zijn levensbeschouwing, maar ook dat de directie hierop uitzonderingen kan toestaan. De klachtencommissie vindt de weigering om een uitzondering toe te staan in het dossier van klager onredelijk. Naast het feit dat klager deze uitzondering naar het oordeel van de klachtencommissie niet per definitie al moest gevraagd hebben op het moment van de tuchtzitting, blijkt bovendien dat de imam maar één keer per jaar langskomt in de gevangenis van Brugge voor een viering in gemeenschappelijk verband. Klager had op het moment van de viering al meer dan de helft van zijn tuchtsanctie van dertig dagen uitgezeten. Er wordt nergens aangevoerd dat er zich tijdens de uitvoering van deze ATV problemen zouden hebben voorgedaan. Evenmin wordt beargumenteerd dat er een risico zou hebben bestaan dat klager de orde, waardigheid en verdraagzaamheid die met het bijwonen van deze viering gepaard moesten gaan, niet zou naleven. De klacht is ontvankelijk en gegrond.
Klager heeft klacht ingediend tegen een beslissing van de directie waarbij het hem niet werd toegestaan om tijdens de uitvoering van een ATV naar een viering van de imam te gaan. De klachtencommissie wijst erop dat in de Basiswet wordt bepaald dat een gedetineerde die onder ATV staat in principe niet kan deelnemen aan gemeenschappelijke activiteiten die verband houden met zijn eredienst of zijn levensbeschouwing, maar ook dat de directie hierop uitzonderingen kan toestaan. De klachtencommissie vindt de weigering om een uitzondering toe te staan in het dossier van klager onredelijk. Naast het feit dat klager deze uitzondering naar het oordeel van de klachtencommissie niet per definitie al moest gevraagd hebben op het moment van de tuchtzitting, blijkt bovendien dat de imam maar één keer per jaar langskomt in de gevangenis van Brugge voor een viering in gemeenschappelijk verband. Klager had op het moment van de viering al meer dan de helft van zijn tuchtsanctie van dertig dagen uitgezeten. Er wordt nergens aangevoerd dat er zich tijdens de uitvoering van deze ATV problemen zouden hebben voorgedaan. Evenmin wordt beargumenteerd dat er een risico zou hebben bestaan dat klager de orde, waardigheid en verdraagzaamheid die met het bijwonen van deze viering gepaard moesten gaan, niet zou naleven. De klacht is ontvankelijk en gegrond.