KC05/23-0023
Fondée
Compensation
KC - Brugge
Commission des plaintes
Autre décision directeur
CELMUTATIE – TEGEMOETKOMING
De klacht is gericht tegen de uitvoering van een beslissing tot celmutatie. Klager stelt dat hij het niet oneens is met de celmutatie op zich, maar wel met de manier waarop deze heeft plaatsgevonden. Klager kon door zijn werk in de gevangenis niet onmiddellijk aanwezig zijn bij deze mutatie en er werd niet op hem gewacht. Daarnaast werd zijn kastje met persoonlijke spullen ook opengemaakt en leeggemaakt. De inhoud hiervan werd tezamen met al zijn andere spullen in de nieuwe cel geplaatst. Er is hierbij ook een plectrum van klager verloren geraakt. De directie vindt de klacht niet ontvankelijk, aangezien het geen geïndividualiseerde beslissing van de directeur betreft en ook gaat over de uitvoering van een celmutatie.
De klachtencommissie stelt vooreerst dat de beslissing tot celmutatie of toewijzing van een cel, ook al zou deze in bepaalde gevallen formeel gezien niet door de directie worden genomen, minstens een beslissing namens de directie betreft. Dat de klacht niet ontvankelijk zou zijn omdat deze gaat over de uitvoering van een celmutatie en dit niet tot het toepassingsgebied van het beklagrecht zou behoren, volgt de klachtencommissie niet. De klachtencommissie verwijst naar de parlementaire voorbereiding van de Basiswet alsook de Nederlandse beklagrechtspraak en stelt dat zij bevoegd is om te oordelen over de wettigheid, redelijkheid en billijkheid van de beslissing tot celmutatie. Zij is echter eveneens bevoegd om te oordelen over de uitvoering van deze mutatie, aangezien dit feitelijk handelen betreft dat onmiskenbaar in verbinding staat met deze beslissing. Zodoende strekt de bevoegdheid van de klachtencommissie zich (ook) uit tot de beoordeling van de uitvoering van dergelijke celmutaties.
Wat betreft de gegrondheid, is de klachtencommissie van oordeel dat de celmutatie van klager, gelet op het samengaan van verschillende elementen, niet op redelijke wijze werd uitgevoerd. De klacht is dan ook ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie kent aan klager de tegemoetkoming toe van één plectrum van een gelijkaardige soort als het plectrum dat verloren is geraakt naar aanleiding van de uitvoering van de celmutatie. De directie kan samen met klager bekijken en overleggen welk specifiek plectrum als het meest gelijkaardige kan worden beschouwd.
De klacht is gericht tegen de uitvoering van een beslissing tot celmutatie. Klager stelt dat hij het niet oneens is met de celmutatie op zich, maar wel met de manier waarop deze heeft plaatsgevonden. Klager kon door zijn werk in de gevangenis niet onmiddellijk aanwezig zijn bij deze mutatie en er werd niet op hem gewacht. Daarnaast werd zijn kastje met persoonlijke spullen ook opengemaakt en leeggemaakt. De inhoud hiervan werd tezamen met al zijn andere spullen in de nieuwe cel geplaatst. Er is hierbij ook een plectrum van klager verloren geraakt. De directie vindt de klacht niet ontvankelijk, aangezien het geen geïndividualiseerde beslissing van de directeur betreft en ook gaat over de uitvoering van een celmutatie.
De klachtencommissie stelt vooreerst dat de beslissing tot celmutatie of toewijzing van een cel, ook al zou deze in bepaalde gevallen formeel gezien niet door de directie worden genomen, minstens een beslissing namens de directie betreft. Dat de klacht niet ontvankelijk zou zijn omdat deze gaat over de uitvoering van een celmutatie en dit niet tot het toepassingsgebied van het beklagrecht zou behoren, volgt de klachtencommissie niet. De klachtencommissie verwijst naar de parlementaire voorbereiding van de Basiswet alsook de Nederlandse beklagrechtspraak en stelt dat zij bevoegd is om te oordelen over de wettigheid, redelijkheid en billijkheid van de beslissing tot celmutatie. Zij is echter eveneens bevoegd om te oordelen over de uitvoering van deze mutatie, aangezien dit feitelijk handelen betreft dat onmiskenbaar in verbinding staat met deze beslissing. Zodoende strekt de bevoegdheid van de klachtencommissie zich (ook) uit tot de beoordeling van de uitvoering van dergelijke celmutaties.
Wat betreft de gegrondheid, is de klachtencommissie van oordeel dat de celmutatie van klager, gelet op het samengaan van verschillende elementen, niet op redelijke wijze werd uitgevoerd. De klacht is dan ook ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie kent aan klager de tegemoetkoming toe van één plectrum van een gelijkaardige soort als het plectrum dat verloren is geraakt naar aanleiding van de uitvoering van de celmutatie. De directie kan samen met klager bekijken en overleggen welk specifiek plectrum als het meest gelijkaardige kan worden beschouwd.