KC05/21-0053
Non fondée
Fondée
Compensation
Irrecevable
KC - Brugge
Commission des plaintes
Mesure provisoire
Mesure de sécurité particulière
Pas de décision du directeur
VOORLOPIGE MAATREGEL - TEGEMOETKOMING - BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID
Van de beslissing tot plaatsing in een strafcel of beveiligde cel kan geen schriftelijk document worden teruggevonden. Niettemin ontkent de directie in haar verweer niet dat klager zich op de betreffende momenten in een strafcel bevond. De klacht is ontvankelijk. Gezien niet kan worden aangetoond of de beslissing tot plaatsing in een beveiligde cel / strafcel gerechtvaardigd was, noch of klager tijdens zijn verblijf de waarborgen heeft gekregen waarop hij recht had, is de klacht gegrond. De klachtencommissie kent een tegemoetkoming van 5 extra individuele wandelingen toe.
De klacht tegen de BVM is ongegrond. De BVM werd opgelegd nadat klager ernstige schade toebracht aan zijn cel. Uit de klacht van klager blijkt dat hij deze feiten niet betwist. Verder moest hij door de politiediensten uit zijn cel gehaald worden en worden overgeplaatst naar de strafcel. Hij uitte verschillende bedreigingen, dit eveneens tijdens het verblijf in de strafcel. De BVM werd nadien verlengd omdat klager opnieuw met agressie had gedreigd.
De klacht over het gegeven dat de celgenoot van klager in het cachot werd geplaatst betreft een beslissing van de directeur ten aanzien van een andere gedetineerde en geen beslissing ten aanzien van klager. Deze klacht is dus niet-ontvankelijk.
De klacht over de vermeende mishandeling door een cobrateam is niet-ontvankelijk omdat deze geen beslissing van de directeur ten aanzien van klager betreft.
Van de beslissing tot plaatsing in een strafcel of beveiligde cel kan geen schriftelijk document worden teruggevonden. Niettemin ontkent de directie in haar verweer niet dat klager zich op de betreffende momenten in een strafcel bevond. De klacht is ontvankelijk. Gezien niet kan worden aangetoond of de beslissing tot plaatsing in een beveiligde cel / strafcel gerechtvaardigd was, noch of klager tijdens zijn verblijf de waarborgen heeft gekregen waarop hij recht had, is de klacht gegrond. De klachtencommissie kent een tegemoetkoming van 5 extra individuele wandelingen toe.
De klacht tegen de BVM is ongegrond. De BVM werd opgelegd nadat klager ernstige schade toebracht aan zijn cel. Uit de klacht van klager blijkt dat hij deze feiten niet betwist. Verder moest hij door de politiediensten uit zijn cel gehaald worden en worden overgeplaatst naar de strafcel. Hij uitte verschillende bedreigingen, dit eveneens tijdens het verblijf in de strafcel. De BVM werd nadien verlengd omdat klager opnieuw met agressie had gedreigd.
De klacht over het gegeven dat de celgenoot van klager in het cachot werd geplaatst betreft een beslissing van de directeur ten aanzien van een andere gedetineerde en geen beslissing ten aanzien van klager. Deze klacht is dus niet-ontvankelijk.
De klacht over de vermeende mishandeling door een cobrateam is niet-ontvankelijk omdat deze geen beslissing van de directeur ten aanzien van klager betreft.