Ga verder naar de inhoud

KC04/25-0234

Non fondée KC - Beveren Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT - KWALIFICATIE INBREUK - MOTIVERING - SANCTIE

Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. De directeur heeft zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in twee RAD’s van 25 november 2025. Ter tuchtzitting stelt klager dat hij gewoon tabak wou tijdens de staking, net zoals in andere gevangenissen. De advocaat erkent dat klager met een bord gooide, maar hij heeft niemand geslagen. In verband met het met scherven naar de politie wijzen ontkent klager dat hij iets gedaan heeft en stelt hij dat hij gewoon meegewerkt heeft. Volgens de klachtencommissie brachten klager en zijn advocaat ter tuchtzitting geen elementen aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van de RAD’s. In zijn klacht beperkt klager zich ertoe te zeggen dat men van een mug een olifant heeft gemaakt. Hij brengt geen inhoudelijke argumenten aan. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte.

De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet), de opzettelijke beschadiging of vernieling van andermans roerende of onroerende goederen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 3° Basiswet), de opzettelijke aantasting van de orde, zoals omschreven in artikel 2, 7° (artikel 129, 5° Basiswet) en het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden (artikel 130, 1° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificaties correct en meent dat de tuchtbeslissing zeer grondig gemotiveerd werd.

Klager pleegde drie inbreuken van de eerste categorie en één inbreuk van de tweede categorie en kreeg hiervoor de maximumsanctie van 30 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en gelet op de ernst van de inbreuken, redelijk. De klacht is ongegrond.