Ga verder naar de inhoud

KC04/25-0183

Fondée KC - Beveren Commission des plaintes Disciplinaire
TUCHT

De klacht gaat over een tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Beveren.

De directie heeft een tuchtsanctie van 21 dagen ATV voor de volgende inbreuken opgelegd: 1) de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee, 2) het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties en 3) het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen.

Wat betreft de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee, stelt de klachtencommissie vast dat deze tuchtrechtelijke inbreuk zijn oorsprong vindt in de feiten die plaatsvonden op 06/09/2025 en waarover op diezelfde dag een RAD werd opgemaakt. De klachtencommissie meent dat het alleszins essentieel is dat de gedetineerde voorafgaandelijk aan de tuchtrechtelijke hoorzitting van 07/09/2025 kennis kreeg van de volledige tenlastelegging. In casu blijkt dit niet het geval te zijn geweest. Pas op de tuchtrechtelijke hoorzitting van 07/09/2025 werd klager hiervan in kennis gesteld. De klachtencommissie is, gelet op de bovenstaande overwegingen, van oordeel dat de tuchtbeslissing wat betreft de tuchtinbreuk “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” vernietigd moet worden wegens de schending van de rechten van verdediging. Deze kwalificatie dient geschrapt te worden. De klachtencommissie draagt de directie daarom op om de kwalificatie van de tuchtsanctie aan te passen in het tuchtregister van klager.

In het voorliggend dossier kan de kwalificatie van de feiten als het niet-naleven van het huishoudelijk reglement volgens de klachtencommissie ook niet overeind blijven. Deze kwalificatie dient geschrapt te worden. De klachtencommissie draagt de directie daarom op om de kwalificatie van de tuchtsanctie aan te passen in het tuchtregister van klager.

De klacht is ontvankelijk en gedeeltelijk gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing van 07/09/2025 in zoverre de feiten verwijzen naar het tweede RAD en gekwalificeerd worden als “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” en “het niet-naleven van de door het huishoudelijk voorgeschreven bepalingen”. Gelet op het voormelde meent de klachtencommissie dat de tuchtsanctie van 21 dagen ATV naar 12 dagen ATV herleid dient te worden. De klachtencommissie zegt dat de gevolgen van de gedeeltelijk vernietigde beslissing in overeenstemming worden gebracht met de uitspraak, in het bijzonder door middel van een aanpassing in het tuchtregister. Voor het overige blijft de tuchtsanctie overeind.