KC04/24-0332
Fondée
KC - Beveren
Commission des plaintes
Autre décision directeur
SCHADE - MEDIA
De klacht betreft een schadevergoeding toegemeten door de directie van de gevangenis van Beveren.
De Basiswet bepaalt geen nadere bewijsregels omtrent schaderapporten. De klachtencommissie kan zich daarom enkel buigen over de redelijkheid van de beslissing om de schaderapporten toe te rekenen aan klager.
De klachtencommissie meent dat de directie onvoldoende heeft aangetoond dat klager verantwoordelijk is voor de schade toegebracht aan de koelkast en HDMI-kabel.
Ten eerste, speelt het tijdsverloop in het voordeel van klager. De directie heeft onredelijk gehandeld door klager pas maanden na de schade-incidenten, schaderapporten aan te rekenen. Ten tweede, is het advies van de externe dienst uiterst summier. Het advies inzake de koelkast luidt als volgt: “schade door gedetineerde.” Het advies inzake de HDMI-kabel luidt als volgt: “opzettelijk HDMI connector beschadigd.” De klachtencommissie meent dat hieruit niet met enige waarschijnlijkheid kan worden afgeleid dat klager verantwoordelijk is voor de schade, aangezien het advies op geen enkele manier vermeld waarom klager verantwoordelijk wordt geacht voor de schade. Van een zorgvuldige directie kan worden verwacht dat zij de externe dienst hiernaar informeert, alvorens de schade aan klager aan te rekenen. Te meer, gelet op het feit dat er geen staat van goederen werd opgemaakt. De klachtencommissie heeft de directie in vorige dossiers reeds gewezen op het belang van een schriftelijke staat van goederen wanneer deze worden afgegeven aan en teruggegeven door gedetineerden. Op die manier kan worden nagegaan of en welke schade is toegebracht door een gedetineerde, alsook welke schade eventueel voortvloeit uit normale gebruikersslijtage. Uit het dossier blijkt niet dat zulke staat van goederen werd opgemaakt. Een omstandig advies van de externe dienst is des te noodzakelijker, gelet op het gebrek aan staat van goederen. Tot slot, wat betreft de koelkast, merkt de klachtencommissie nog op dat het advies van de externe dienst op geen enkele manier een geloofwaardige tegenindicatie biedt voor het feit dat de koelkast reeds tien jaar oud was en de schade mogelijk te wijten was aan normale gebruikersslijtage.
Om bovenstaande redenen, is de klacht gegrond.
De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot schadevergoeding en zegt dat aan klager geen bedrag mag worden gevorderd voor de kapotte koelkast en HDMI-kabel, omdat onvoldoende is aangetoond dat klager verantwoordelijk is voor de schade. Dit betreft geen tegemoetkoming, maar louter de vaststelling van de verplichting van de directeur tot het ongedaan maken van de gevolgen van de vernietigde beslissing.
De klacht betreft een schadevergoeding toegemeten door de directie van de gevangenis van Beveren.
De Basiswet bepaalt geen nadere bewijsregels omtrent schaderapporten. De klachtencommissie kan zich daarom enkel buigen over de redelijkheid van de beslissing om de schaderapporten toe te rekenen aan klager.
De klachtencommissie meent dat de directie onvoldoende heeft aangetoond dat klager verantwoordelijk is voor de schade toegebracht aan de koelkast en HDMI-kabel.
Ten eerste, speelt het tijdsverloop in het voordeel van klager. De directie heeft onredelijk gehandeld door klager pas maanden na de schade-incidenten, schaderapporten aan te rekenen. Ten tweede, is het advies van de externe dienst uiterst summier. Het advies inzake de koelkast luidt als volgt: “schade door gedetineerde.” Het advies inzake de HDMI-kabel luidt als volgt: “opzettelijk HDMI connector beschadigd.” De klachtencommissie meent dat hieruit niet met enige waarschijnlijkheid kan worden afgeleid dat klager verantwoordelijk is voor de schade, aangezien het advies op geen enkele manier vermeld waarom klager verantwoordelijk wordt geacht voor de schade. Van een zorgvuldige directie kan worden verwacht dat zij de externe dienst hiernaar informeert, alvorens de schade aan klager aan te rekenen. Te meer, gelet op het feit dat er geen staat van goederen werd opgemaakt. De klachtencommissie heeft de directie in vorige dossiers reeds gewezen op het belang van een schriftelijke staat van goederen wanneer deze worden afgegeven aan en teruggegeven door gedetineerden. Op die manier kan worden nagegaan of en welke schade is toegebracht door een gedetineerde, alsook welke schade eventueel voortvloeit uit normale gebruikersslijtage. Uit het dossier blijkt niet dat zulke staat van goederen werd opgemaakt. Een omstandig advies van de externe dienst is des te noodzakelijker, gelet op het gebrek aan staat van goederen. Tot slot, wat betreft de koelkast, merkt de klachtencommissie nog op dat het advies van de externe dienst op geen enkele manier een geloofwaardige tegenindicatie biedt voor het feit dat de koelkast reeds tien jaar oud was en de schade mogelijk te wijten was aan normale gebruikersslijtage.
Om bovenstaande redenen, is de klacht gegrond.
De klachtencommissie vernietigt de beslissing tot schadevergoeding en zegt dat aan klager geen bedrag mag worden gevorderd voor de kapotte koelkast en HDMI-kabel, omdat onvoldoende is aangetoond dat klager verantwoordelijk is voor de schade. Dit betreft geen tegemoetkoming, maar louter de vaststelling van de verplichting van de directeur tot het ongedaan maken van de gevolgen van de vernietigde beslissing.