Ga verder naar de inhoud

KC02/25-0029

Non fondée KC - Antwerpen Commission des plaintes Mesure de sécurité particulière
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - TRANSFER - MOTIVERING

De klacht gaat over een beslissing van 9 februari 2025 van de gevangenisdirectie van Antwerpen waarbij een bijzondere veiligheidsmaatregel ten aanzien van klager voor de tweede keer verlengd werd.

Klager dient een klacht in tegen de beslissing van 9 februari 2025, waarbij klager voor een duur van 7 dagen op een monocel geplaatst werd door middel van een bijzondere veiligheidsmaatregel (hierna: BVM) ten aanzien van hem. Uit de aangevochten BVM blijkt dat het gaat om een tweede verlenging van een eerdere BVM die in de gevangenis Leuven-Hulp werd opgelegd en waarvan de uitgebreide motivering ook in de beslissing hernomen wordt.

Wat betreft de handhaving van de eerste verlenging van de BVM:
Klager werd op 4 februari 2025, aldus tijdens de loopduur van de eerste verlenging van de BVM, van de gevangenis van Leuven-Hulp naar de gevangenis van Antwerpen overgebracht. Tijdens de hoorzitting van de klachtencommissie benadrukte de directie dat er op de dag van de overplaatsing wel degelijk een gesprek met klager plaatsgevonden heeft, waarbij de noodzaak van de handhaving van de BVM bevestigd werd. Bij de handhaving van de beslissing en de verderzetting van deze BVM werden eveneens de richtlijnen van Leuven-Hulp gevolgd. Klager werd op een reguliere monocel geplaatst en de maatregel werd aldus versoepeld.
De klachtencommissie beveelt de directie aan om in de toekomst dergelijke evaluatie en beslissing schriftelijk vast te leggen.

Wat betreft de beslissing tot de tweede verlenging van de BVM:
Er kon redelijkerwijze geoordeeld worden dat er een gevaar was voor de orde en de veiligheid. Alle formele vormvereisten (zoals het horen van klager en de betekening van de beslissing) voor de verlenging werden nageleefd en de noodzaak van het behoud van een ‘individueel regime’ werd voldoende gemotiveerd.
De klachtencommissie houdt bij haar oordeel eveneens rekening met het feit dat klager tijdens de duur van de maatregel op zijn monocel kon blijven en niet teruggeplaatst werd op een beveiligde cel. Bij deze laatste (verregaandere) maatregel wordt namelijk een omstandigere motivering verwacht. De klacht is ongegrond. De bestreden beslissing blijft bestaan.