KC02/24-0206
Non fondée
KC - Antwerpen
Commission des plaintes
Disciplinaire
TUCHT - VOORWERPEN - HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft hoe klager bij een fouillering een bruine pet van Gucci bij had, die niet van hem was. Klager stelde toen dat hij deze gekregen had van een vriend.
Naar aanleiding van dit RAD werd de tuchtprocedure opgestart voor de tuchtinbreuk “het niet-naleven van de in het huishoudelijk reglement van de gevangenis voorgeschreven bepalingen met
betrekking tot de voorwerpen die in het bezit worden gesteld of gelaten van de gedetineerde”. Klager stelt in zijn schriftelijke klacht dat er niet naar hem wordt geluisterd. De klachtencommissie
stelt vast dat klager regelmatig werd uitgenodigd om gehoord te worden tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Hij heeft dus de kans gekregen om zich te verdedigen.
De klachtencommissie is van oordeel dat het RAD duidelijk is. Bovendien geeft klager tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting toe dat hij deze pet van een vriend heeft gekregen. De feiten zijn dan ook
bewezen. De directie heeft dit afdoende gemotiveerd in haar tuchtbeslissing.
Zij motiveert verder ook de sanctie die zij heeft opgelegd, nl. een voorwaardelijke sanctie van 7 dagen ATV. Deze sanctie is wettig en niet onredelijk of onbillijk gelet op de omstandigheden en het tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft hoe klager bij een fouillering een bruine pet van Gucci bij had, die niet van hem was. Klager stelde toen dat hij deze gekregen had van een vriend.
Naar aanleiding van dit RAD werd de tuchtprocedure opgestart voor de tuchtinbreuk “het niet-naleven van de in het huishoudelijk reglement van de gevangenis voorgeschreven bepalingen met
betrekking tot de voorwerpen die in het bezit worden gesteld of gelaten van de gedetineerde”. Klager stelt in zijn schriftelijke klacht dat er niet naar hem wordt geluisterd. De klachtencommissie
stelt vast dat klager regelmatig werd uitgenodigd om gehoord te worden tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Hij heeft dus de kans gekregen om zich te verdedigen.
De klachtencommissie is van oordeel dat het RAD duidelijk is. Bovendien geeft klager tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting toe dat hij deze pet van een vriend heeft gekregen. De feiten zijn dan ook
bewezen. De directie heeft dit afdoende gemotiveerd in haar tuchtbeslissing.
Zij motiveert verder ook de sanctie die zij heeft opgelegd, nl. een voorwaardelijke sanctie van 7 dagen ATV. Deze sanctie is wettig en niet onredelijk of onbillijk gelet op de omstandigheden en het tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.