KC02/24-0078
Fondée
Irrecevable
KC - Antwerpen
Commission des plaintes
Autre décision directeur
Mesure de sécurité particulière
Pas de décision du directeur
BVM - MOTIVERING - WANDELING - ZORGPLICHT
De klacht is ten eerste gericht tegen twee verlengingen van de bijzondere veiligheidsmaatregel waaronder klager zit. De directie geeft in de motivering van de twee beslissingen tot verlenging van de BVM op geen enkele manier aan waarom zij van oordeel is dat er nog steeds een bijzondere veiligheidsmaatregel opgelegd moet worden tegenover klager. De directie schendt haar motiveringsplicht. De klacht is gegrond.
De klacht is ten tweede gericht tegen het feit dat klager op meerdere dagen geen wandeling heeft gehad tijdens zijn bijzondere veiligheidsmaatregel. De zorgplicht uit artikel 113, §2 van de Basiswet stelt dat het de verantwoordelijkheid is van de directie om erop toe te zien dat een gedetineerde die zich onder een BVM 'verplicht verblijf in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte' of 'verblijf in de beveiligde cel' bevindt, één uur in de buitenlucht kan doorbrengen. De directie ontkent in haar verweer niet dat klager inderdaad geen individuele wandeling heeft gehad op meerdere dagen. De klachtencommissie kan dan ook enkel vaststellen dat het recht van klager uit artikel 136, 3° van de Basiswet om minstens één uur per dag in de buitenlucht te verblijven wanneer hij zich onder een bijzondere veiligheidsmaatregel bevindt, geschonden werd. De klacht is gegrond.
De klacht is ten eerste gericht tegen twee verlengingen van de bijzondere veiligheidsmaatregel waaronder klager zit. De directie geeft in de motivering van de twee beslissingen tot verlenging van de BVM op geen enkele manier aan waarom zij van oordeel is dat er nog steeds een bijzondere veiligheidsmaatregel opgelegd moet worden tegenover klager. De directie schendt haar motiveringsplicht. De klacht is gegrond.
De klacht is ten tweede gericht tegen het feit dat klager op meerdere dagen geen wandeling heeft gehad tijdens zijn bijzondere veiligheidsmaatregel. De zorgplicht uit artikel 113, §2 van de Basiswet stelt dat het de verantwoordelijkheid is van de directie om erop toe te zien dat een gedetineerde die zich onder een BVM 'verplicht verblijf in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte' of 'verblijf in de beveiligde cel' bevindt, één uur in de buitenlucht kan doorbrengen. De directie ontkent in haar verweer niet dat klager inderdaad geen individuele wandeling heeft gehad op meerdere dagen. De klachtencommissie kan dan ook enkel vaststellen dat het recht van klager uit artikel 136, 3° van de Basiswet om minstens één uur per dag in de buitenlucht te verblijven wanneer hij zich onder een bijzondere veiligheidsmaatregel bevindt, geschonden werd. De klacht is gegrond.