Ga verder naar de inhoud

BC/25-0146

Fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Régime de sécurité particulier individuel
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME

De beroepsindienster gaat niet akkoord met de hernieuwing van een ten aanzien van haar opgelegd individueel bijzonder veiligheidsregime. De beroepscommissie herhaalt, net zoals in dossier BC/25-0016 ten aanzien van deze beroepsindienster, dat de taak van de geneesheer-psychiater in het kader van de procedure tot hernieuwing van een dergelijk regime er enerzijds uit bestaat om een psycho-medisch verslag op te maken en anderzijds een medisch advies op te stellen met betrekking tot de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde. Uit geen enkele wettelijke bepaling blijkt volgens de beroepscommissie dat de geneesheer-psychiater een advies zou mogen uitbrengen over de noodzaak aan bepaalde regime-inperkingen in het kader van het opleggen of hernieuwen van een individueel bijzonder veiligheidsregime. In dit dossier heeft de geneesheer-psychiater zijn bevoegdheid overschreden. Zo heeft hij in het algemeen gesteld dat er door een gebrek aan ziekte-inzicht van de beroepsindienster ‘veiligheidsmaatregelen noodzakelijk zijn’. Bij verschillende individuele maatregelen gaf hij aan dat er een gevaar was voor derden. En bij de maatregel van de onderbrenging in een beveiligde cel stelde hij dat deze maatregel ‘soms noodzakelijk’ is. De adviesverlening van de geneesheer-psychiater heeft zich zodoende niet beperkt tot een oordeel over de verenigbaarheid van de gezondheidstoestand van de beroepsindienster met de door de directeur voorgestelde maatregelen, maar betrof integendeel een advies over welke regime-inperkingen in het kader van de veiligheid volgens hem aangewezen waren. Het beroep is ontvankelijk en gegrond.