IBVR - HERNIEUWING - PROPORTIONALITEIT
De beroepscommissie bevestigt dat de beroepsprocedure tegen een beslissing inzake een IBVR schriftelijk verloopt. Beide partijen konden hun standpunt indienen, zodat een mondelinge behandeling niet nodig is. Het verslag van de hoorzitting volstaat, aangezien dit bedoeld is om de directrice-generaal te informeren; er is geen verplichting tot aanpassing van het voorstel na die hoorzitting.
De klacht over partijdigheid van het inrichtingshoofd wordt verworpen: dit heeft enkel een adviserende rol en de uiteindelijke beslissing wordt genomen door de directrice-generaal. Ook tegen de directrice-generaal zelf zijn geen aanwijzingen van partijdigheid; een verleden in een politieke functie volstaat daarvoor niet.
Artikel 9 van de Basiswet is niet geschonden: de detentieplanning kan ook onder IBVR worden uitgewerkt. De gestelde schendingen van artikel 5 EVRM, het motiveringsbeginsel en het vermoeden van onschuld worden niet aangetoond. Een IBVR is geen straf maar een veiligheidsmaatregel.
Volgens recente vertrouwelijke informatie blijft het veiligheidsrisico (ontvluchting, criminele activiteiten) actueel en ernstig, zodat de maatregelen, waaronder glasbezoek en beperkte contacten, proportioneel zijn. Artikel 3 EVRM is niet geschonden: er is geen sprake van onmenselijke of vernederende behandeling.
De beroepscommissie wijst alle argumenten van beroepsindiener af en bevestigt de beslissing tot hernieuwing van het IBVR.
Het beroep is ongegrond.
De beroepscommissie bevestigt dat de beroepsprocedure tegen een beslissing inzake een IBVR schriftelijk verloopt. Beide partijen konden hun standpunt indienen, zodat een mondelinge behandeling niet nodig is. Het verslag van de hoorzitting volstaat, aangezien dit bedoeld is om de directrice-generaal te informeren; er is geen verplichting tot aanpassing van het voorstel na die hoorzitting.
De klacht over partijdigheid van het inrichtingshoofd wordt verworpen: dit heeft enkel een adviserende rol en de uiteindelijke beslissing wordt genomen door de directrice-generaal. Ook tegen de directrice-generaal zelf zijn geen aanwijzingen van partijdigheid; een verleden in een politieke functie volstaat daarvoor niet.
Artikel 9 van de Basiswet is niet geschonden: de detentieplanning kan ook onder IBVR worden uitgewerkt. De gestelde schendingen van artikel 5 EVRM, het motiveringsbeginsel en het vermoeden van onschuld worden niet aangetoond. Een IBVR is geen straf maar een veiligheidsmaatregel.
Volgens recente vertrouwelijke informatie blijft het veiligheidsrisico (ontvluchting, criminele activiteiten) actueel en ernstig, zodat de maatregelen, waaronder glasbezoek en beperkte contacten, proportioneel zijn. Artikel 3 EVRM is niet geschonden: er is geen sprake van onmenselijke of vernederende behandeling.
De beroepscommissie wijst alle argumenten van beroepsindiener af en bevestigt de beslissing tot hernieuwing van het IBVR.
Het beroep is ongegrond.