Ga verder naar de inhoud

BC/24-0209

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Régime de sécurité particulier individuel
IBVR - SUBSIDIARITEIT - VERTROUWELIJKE INFORMATIE - MOTIVERING

De ontoereikendheid van de voorgaande, definitief geworden BVM’s kon, ondanks het tijdsverloop, ook op datum van de bestreden beslissing worden vastgesteld op grond van een actuele evaluatie inzake subsidiariteit.

Intussen blijkt er immers sprake van geactualiseerde vertrouwelijke informatie van de veiligheidsdiensten waaruit een aanhoudende dreiging blijkt en waaruit volgt dat de eerder doorlopen veiligheidsmaatregelen ontoereikend zijn gebleken en het resistente veiligheidsprobleem aldus op geen enkele andere wijze kon worden gevrijwaard.

Voorts zijn de de rechten van verdediging voldoende gewaarborgd door het feit dat de beroepscommissie zelf kennis heeft genomen van alle informatie overeenkomstig artikel 8 van de basiswet.

Er is daardoor bovendien geen sprake van een uitholling van het hoorrecht, aangezien beroepsindiener alleszins minstens op de hoogte was van de essentie van de vertrouwelijke informatie.

De beroepscommissie is van oordeel dat de uitzondering op de formele motiveringsplicht uit artikel 8 van de basiswet strikt moet worden uitgelegd in het licht van een effectieve rechtsbescherming van de gedetineerde, zonder aan dat artikel evenwel de nuttige werking te ontnemen. In casu heeft de directeur-generaal zich evenwel niet vrijblijvend op deze uitzonderingsgrond beroepen en kon de beroepscommissie door inzage van het register zelf vaststellen dat er daadwerkelijk sprake is van een gevaar in de zin van artikel 8 basiswet , indien de redenen die ten grondslag liggen aan de bestreden beslissing en het in het bijzonder het daarop betrekking hebbende bewijsmateriaal, nauwkeurig en volledig met beroepsindiener zou worden meegedeeld.

!!Cassatieberoep bij de Raad van State verworpen bij arrest nr. 263.257 van 12 mei 2025!!