Ga verder naar de inhoud

BC/24-0063

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Mesure provisoire
VOORLOPIGE MAATREGEL - VERBODEN SUBSTANTIES - MOTIVERING

Het inrichtingshoofd viseert de beslissing van de klachtencommissie daar waar de klacht tegen het opleggen van een voorlopige maatregel gegrond wordt bevonden.

De klachtencommissie oordeelt in essentie dat er geen sprake was van een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid die toeliet de voorlopige maatregel tot plaatsing in een aparte verblijfsruimte te nemen.

De klachtencommissie kan echter wel worden gevolgd dat er geen enkel individueel element wordt aangehaald waaruit blijkt dat de interne veiligheid werd aangetast. De loutere aanwezigheid van verboden substanties, ook al blijkt uit de omstandigheden dat deze net geconsumeerd werden, leidt voor de beroepscommissie niet per definitie tot een kwalificatie als een ernstige aantasting van de interne veiligheid die het opleggen van een voorlopige maatregel rechtvaardigt.

Er dient steeds een geïndividualiseerde beoordeling te worden gemaakt. De beslissing tot voorlopige maatregel mag niet louter steunen op veronderstellingen, kansberekeningen of algemene vaststellingen, maar
vereist een duidelijke motivering die gebaseerd is op concrete en geïndividualiseerde feiten en/of gedragingen.

Loutere vaststellingen van bezit of consumptie zonder dat hieruit een concreet risico blijkt voor de fysieke integriteit van de gedetineerde zelf of anderen, volstaat niet.

Het beroep wordt ongegrond verklaard.