BC/24-0047
Non fondée
Irrecevable
KC - Beveren
Commission d'Appel
Disciplinaire
TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES - RECHT OP VERDEDIGING
Bij het beoordelen van het al dan niet bewezen zijn van de ten laste gelegde feiten, heeft de directie een discretionaire bevoegdheid. Dat de camerabeelden in dit dossier niet bekeken zijn, maakt geen inbreuk uit op de rechten van verdediging. In principe rust er op de directie geen verplichting om in te gaan op verzoeken om bepaald onderzoek te doen zoals het horen van getuigen of het bekijken van camerabeelden voor zover er geen tegenindicaties zijn waardoor getwijfeld kan worden aan de feiten zoals beschreven in het RAD. De directie is niet verplicht de camerabeelden te bekijken wanneer zij meent dat de vaststellingen van het personeel voldoende duidelijk zijn om de tuchtinbreuk te bewijzen. Gelet op de bovenstaande gegevens is de beroepscommissie van oordeel dat de directie een tuchtinbreuk van het bezit van of de handel in verboden substanties kon toerekenen aan klager.
Het beroep is ongegrond.
De beroepscommissie stelt in navolging van het inrichtingshoofd vast dat het beroep tegen de naaktfouille onontvankelijk is, aangezien hij dit niet heeft opgeworpen in zijn initiële klacht.
Bij het beoordelen van het al dan niet bewezen zijn van de ten laste gelegde feiten, heeft de directie een discretionaire bevoegdheid. Dat de camerabeelden in dit dossier niet bekeken zijn, maakt geen inbreuk uit op de rechten van verdediging. In principe rust er op de directie geen verplichting om in te gaan op verzoeken om bepaald onderzoek te doen zoals het horen van getuigen of het bekijken van camerabeelden voor zover er geen tegenindicaties zijn waardoor getwijfeld kan worden aan de feiten zoals beschreven in het RAD. De directie is niet verplicht de camerabeelden te bekijken wanneer zij meent dat de vaststellingen van het personeel voldoende duidelijk zijn om de tuchtinbreuk te bewijzen. Gelet op de bovenstaande gegevens is de beroepscommissie van oordeel dat de directie een tuchtinbreuk van het bezit van of de handel in verboden substanties kon toerekenen aan klager.
Het beroep is ongegrond.
De beroepscommissie stelt in navolging van het inrichtingshoofd vast dat het beroep tegen de naaktfouille onontvankelijk is, aangezien hij dit niet heeft opgeworpen in zijn initiële klacht.