OVERPLAATSING
De directeur-generaal wees het bezwaar tegen de beslissing tot overplaatsing af en bevestigde dat een overplaatsing naar de gevangenis van Merksplas aan de orde is, maar gaf ook te kennen dat deze overplaatsing pas gebeurt van zodra het PSD-onderzoek grotendeels afgerond is en het basisverslag PSD beschikbaar is.
Uit het verzoek tot overplaatsing en uit de verdere behandeling van het dossier blijkt dat de hoge overbevolking in de gevangenis van Hasselt de enige reden is waarom de beroepsindiener naar de gevangenis van Merksplas zou worden overgeplaatst. De voorwaardelijke bevestiging van de beslissing van DDB door de directeur-generaal houdt in dat bij de afweging van het huidige belang van de gedetineerde bij een verder verblijf in de gevangenis van Hasselt en het belang van een beperking van de overbevolking in de gevangenis van Hasselt, het belang van de gedetineerde bij de voortzetting van de behandeling van zijn psychosociale dossier in Hasselt opweegt tegen het andere belang.
Uit de gegevens van DG EPI blijkt dat er op 9 mei 2023 628 gedetineerden in de gevangenis van Hasselt verbleven, het hoogste cijfer in het voorbije jaar. Op 21 juni bedroeg het aantal aanwezige gedetineerden 611, ongeveer evenveel als het aantal gedetineerden einde april-begin mei. In welke mate de Hasseltse gevangenis overbevolkt zal zijn op het ogenblik waarop het PSD-verslag zal zijn afgewerkt, is onzeker. Het staat dan ook niet vast dat de doorslaggevende reden waarom tot overplaatsing werd besloten, op het ogenblik van de uitvoering van de overplaatsing nog actueel zal zijn. Een bevestiging van de genomen beslissing tot overplaatsing geeft daarentegen aan de penitentiaire administratie de mogelijkheid, eenmaal het PSD-verslag afgerond, de betrokkene over te plaatsen, ook al zou er geen acute overbevolking meer zijn die de lokale directie in mei 2023 ertoe bracht de overplaatsing van verschillende gedetineerden naar een andere gevangenis te vragen.
De rechtszekerheid gebiedt dat de niet-uitvoering van een beslissing tot overplaatsing niet berust op een gunst die afhankelijk is van de wijze waarop de lokale directie de daadwerkelijke overplaatsing naar de andere gevangenis inplant en waartegen de gedetineerde zonder verweer is.
De bijkomende reden waarom de beroepsindiener wordt aangewezen om te worden overgeplaatst, is gelegen in de omstandigheid dat hij geen bezoek kreeg. De beroepsindiener ontving onlangs wel opnieuw bezoek zonder dat meteen vaststaat dat hij dit bezoek alleen maar kreeg om een overplaatsing naar Merksplas te beletten. Een hernieuwde beoordeling van de vraag of de beroepsindiener wel degelijk van alle bezoek verstoken blijft, zodat familiale redenen zich niet tegen een overplaatsing verzetten, is dan ook nodig op het ogenblik waarop in voorkomend geval, wanneer de overbevolking zou aanhouden, op een later, nog niet bekend tijdstip een nieuwe beslissing tot overplaatsing zou worden genomen.
De beroepscommissie komt dan ook tot de conclusie dat de handhaving van de beslissing tot overplaatsing thans voorbarig is. De beslissing van de directeur-generaal over het bezwaar tegen de beslissing tot overplaatsing wordt vernietigd. De redenen van deze beslissing brengen mee dat op dit ogenblik niet kan worden beslist tot overplaatsing om de reden die de lokale directie aanvoerde. De beroepscommissie stelt dan ook met toepassing van de artikelen 158, § 3, en 166, § 2, van de basiswet haar beslissing in de plaats van de beslissing van de directeur-generaal. Deze beslissing doet vanzelfsprekend geen afbreuk aan de beoordelingsbevoegdheid van de penitentiaire administratie op een later ogenblik, bijvoorbeeld op het ogenblik waarop de PSD-verslaggeving zal zijn afgerond.
De directeur-generaal wees het bezwaar tegen de beslissing tot overplaatsing af en bevestigde dat een overplaatsing naar de gevangenis van Merksplas aan de orde is, maar gaf ook te kennen dat deze overplaatsing pas gebeurt van zodra het PSD-onderzoek grotendeels afgerond is en het basisverslag PSD beschikbaar is.
Uit het verzoek tot overplaatsing en uit de verdere behandeling van het dossier blijkt dat de hoge overbevolking in de gevangenis van Hasselt de enige reden is waarom de beroepsindiener naar de gevangenis van Merksplas zou worden overgeplaatst. De voorwaardelijke bevestiging van de beslissing van DDB door de directeur-generaal houdt in dat bij de afweging van het huidige belang van de gedetineerde bij een verder verblijf in de gevangenis van Hasselt en het belang van een beperking van de overbevolking in de gevangenis van Hasselt, het belang van de gedetineerde bij de voortzetting van de behandeling van zijn psychosociale dossier in Hasselt opweegt tegen het andere belang.
Uit de gegevens van DG EPI blijkt dat er op 9 mei 2023 628 gedetineerden in de gevangenis van Hasselt verbleven, het hoogste cijfer in het voorbije jaar. Op 21 juni bedroeg het aantal aanwezige gedetineerden 611, ongeveer evenveel als het aantal gedetineerden einde april-begin mei. In welke mate de Hasseltse gevangenis overbevolkt zal zijn op het ogenblik waarop het PSD-verslag zal zijn afgewerkt, is onzeker. Het staat dan ook niet vast dat de doorslaggevende reden waarom tot overplaatsing werd besloten, op het ogenblik van de uitvoering van de overplaatsing nog actueel zal zijn. Een bevestiging van de genomen beslissing tot overplaatsing geeft daarentegen aan de penitentiaire administratie de mogelijkheid, eenmaal het PSD-verslag afgerond, de betrokkene over te plaatsen, ook al zou er geen acute overbevolking meer zijn die de lokale directie in mei 2023 ertoe bracht de overplaatsing van verschillende gedetineerden naar een andere gevangenis te vragen.
De rechtszekerheid gebiedt dat de niet-uitvoering van een beslissing tot overplaatsing niet berust op een gunst die afhankelijk is van de wijze waarop de lokale directie de daadwerkelijke overplaatsing naar de andere gevangenis inplant en waartegen de gedetineerde zonder verweer is.
De bijkomende reden waarom de beroepsindiener wordt aangewezen om te worden overgeplaatst, is gelegen in de omstandigheid dat hij geen bezoek kreeg. De beroepsindiener ontving onlangs wel opnieuw bezoek zonder dat meteen vaststaat dat hij dit bezoek alleen maar kreeg om een overplaatsing naar Merksplas te beletten. Een hernieuwde beoordeling van de vraag of de beroepsindiener wel degelijk van alle bezoek verstoken blijft, zodat familiale redenen zich niet tegen een overplaatsing verzetten, is dan ook nodig op het ogenblik waarop in voorkomend geval, wanneer de overbevolking zou aanhouden, op een later, nog niet bekend tijdstip een nieuwe beslissing tot overplaatsing zou worden genomen.
De beroepscommissie komt dan ook tot de conclusie dat de handhaving van de beslissing tot overplaatsing thans voorbarig is. De beslissing van de directeur-generaal over het bezwaar tegen de beslissing tot overplaatsing wordt vernietigd. De redenen van deze beslissing brengen mee dat op dit ogenblik niet kan worden beslist tot overplaatsing om de reden die de lokale directie aanvoerde. De beroepscommissie stelt dan ook met toepassing van de artikelen 158, § 3, en 166, § 2, van de basiswet haar beslissing in de plaats van de beslissing van de directeur-generaal. Deze beslissing doet vanzelfsprekend geen afbreuk aan de beoordelingsbevoegdheid van de penitentiaire administratie op een later ogenblik, bijvoorbeeld op het ogenblik waarop de PSD-verslaggeving zal zijn afgerond.