Ga verder naar de inhoud

BC/22-0251

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Mesure d'ordre
BEZOEK

Het beroep is gericht tegen de beslissing van de klachtencommissie die een klacht tegen een voorlopige opheffing van een toelating voor ongestoord bezoek ongegrond verklaarde. De beroepscommissie stelt vast dat deze voorlopige opheffing gebeurde naar aanleiding van drie incidenten en werd gestoeld op twee samenhangende motieven. Volgens de beroepscommissie is, door de reeks incidenten, minstens sprake van ‘geïndividualiseerde aanwijzingen dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen’. De oprechtheid van de relatie met de bezoekster wordt voornamelijk in vraag gesteld op grond van het feit dat zij mogelijk onder druk wordt gezet binnen de relatie. De beroepscommissie besluit dat klager er niet in slaagt om de geïndividualiseerde aanwijzingen te weerleggen. De klachtencommissie besloot terecht dat de directie het ongestoord bezoek tijdelijk kon opheffen om te onderzoeken of de persoonlijkheid van klager geen contra-indicatie uitmaakt. Het beroep is niet gegrond.