Ga verder naar de inhoud

BC/22-0149

Non fondée Beroepscommissie Commission d'Appel Disciplinaire
TUCHT - KWALIFICATIE INBREUK - MOTIVERING - VERBODEN SUBSTANTIES

De tuchtbeslissing moet de juridische en feitelijke overwegingen vermelden die aan die beslissing ten grondslag liggen. Deze motivering moet afdoende zijn. De verwijzing in de tuchtbeslissing naar het rapport aan de directeur, de omschrijving van de in het rapport vermelde feiten als ‘verdachte substantie’ en de uiteindelijke kwalificatie in de motivering van de verdachte substantie als ‘door of krachtens de wet verboden substanties’ leveren samen de motivering op waarom de directie de ten laste gelegde feiten kwalificeerde als ‘bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’ en die feiten bewezen verklaarde. Deze motivering is afdoende. De afwezigheid van de vermelding over welke verboden substantie het gaat, is op zichzelf geen tekortkoming aan de motiveringsverplichting. Op grond van het geheel aan vaststellingen in het rapport aan de directeur en de afwezigheid van een geloofwaardig verweer van de klager kon de directie in alle redelijkheid besluiten tot het bewezen verklaren van het gesanctioneerde tuchtvergrijp.